VRIJGESTELDE RESERVES - 02.12.2019

Binnenkort uw vrijgestelde reserves mobiliseren tegen een gunsttarief?

In 2020 of 2021 kunt u bepaalde vrijgestelde reserves mobiliseren tegen een gunsttarief van 15%. De fiscus heeft daarover recentelijk ook een circulaire uitgebracht (Ci.RH. 2019/C/24, 19.03.2019) . Welke reserves komen in aanmerking en welke niet? Kunt u de gemobiliseerde reserves ook gebruiken om een liquidatiereserve aan te leggen? Als u de opgenomen reserves herinvesteert, geniet u een nog voordeliger tarief van 10%. Welke bijzondere regels gelden er voor die herinvestering?

Vrijgestelde reserves mobiliseren

Onaantastbaarheidsvoorwaarde

Een vrijgestelde reserve is in de regel onderworpen aan een onaantastbaarheidsvoorwaarde. U moet de reserve boeken op een afzonderlijke rekening van het passief en u mag ze niet uitkeren. Als de onaantastbaarheidsvoorwaarde niet langer nageleefd wordt, dan wordt die reserve alsnog belast.

Dat is concreet het geval wanneer de belastingvrije reserve overgedragen wordt naar de belaste reserves of wanneer ze uitgekeerd wordt aan de aandeelhouders. Belastingvrije reserves worden ten laatste belastbaar wanneer de vennootschap geliquideerd wordt.

Tijdelijke gunstmaatregel

De hervorming van de vennootschapsbelasting voorziet in een tijdelijk gunstregime voor het mobiliseren van bepaalde vrijgestelde reserves. Het gunstregime heeft tot doel om het moment van belastbare opneming van vrijgestelde reserves aan te moedigen en te vervroegen door tijdelijk een afzonderlijke heffing in de vennootschapsbelasting tegen een verlaagd tarief van 15% te voorzien.

Een overboeking naar belaste reserves is voldoende om het gunstregime te genieten; een uitkering aan de aandeelhouders is dus niet noodzakelijk. De overboeking verloopt boekhoudkundig gezien wel over het resultaat van het boekjaar (via een onttrekking aan de vrijgestelde reserves).

Wanneer het opgenomen bedrag herbelegd wordt, kan bovendien een nog voordeliger tarief (10%) genoten worden.

Herinvestering: tarief van 10%

Om toepassing te kunnen maken van het bijkomend verlaagd tarief van 10%, moeten de opnemingen uit de belastingvrije reserves aangewend worden voor investeringen die tijdens het betrokken belastbaar tijdperk (gekoppeld aan aanslagjaar 2021 of 2022) doorgevoerd worden in materiële vaste activa of immateriële vaste activa die afschrijfbaar zijn.

Merk evenwel op dat bepaalde investeringen buiten beschouwing gelaten worden bij de toetsing van het investeringscriterium. Het gaat hierbij onder meer om investeringen die reeds aangemerkt worden als wederbelegging in het kader van de gespreide taxatie, investeringen die kwalificeren als herinvestering bij de realisatie van intellectuele eigendomsrechten en investeringen in personenauto’s, lichte vrachtauto’s of auto’s voor dubbel gebruik, met uitzondering van voertuigen die uitsluitend gebruikt worden voor een taxidienst of voor verhuring met bestuurder en op grond daarvan van de verkeersbelasting op de autovoertuigen vrijgesteld zijn en voertuigen die in erkende autorijscholen uitsluitend gebruikt worden voor praktisch onderricht en daartoe speciaal uitgerust zijn.

Gedeeltelijke herinvestering?

Indien u slechts een gedeelte van de opgenomen belastingvrije reserves herbelegt, dan zal enkel dit gedeelte tegen 10% belast worden. Voor het saldo kunt u dan nog steeds het tarief van 15% genieten.

Minimaal belastbare grondslag

Houd rekening met het feit dat het afzonderlijke karakter van de heffing impliceert dat deze losstaat van de geglobaliseerde belasting in de vennootschapsbelasting en erbovenop komt.

De heffing van 15% of 10% vormt dus een minimaal belastbare grondslag. Beschikbare aftrekken zoals overgedragen verliezen, de DBI-aftrek, de notionele-interestaftrek, forfaitaire buitenlandse belasting of een ander belastingkrediet kunnen dus niet door de vennootschap aangewend worden om de afzonderlijke heffing te reduceren. Bovendien is ook de vermeerdering wegens onvoldoende voorafbetalingen van toepassing.

Combinatie met liquidatiereserve?

Zoals bevestigd door de minister in antwoord op een parlementaire vraag (parl. vr. nr. 2475, Wouters, 25.02.2015) , kan de ‘te bestemmen winst van het boekjaar’ (code 9905 van de jaarrekening) overgeboekt worden naar een liquidatiereserve.

Aangezien de ‘mobilisatie’ van een vrijgestelde reserve boekhoudkundig verwerkt wordt als een onttrekking aan de vrijgestelde reserve en een toevoeging aan de te bestemmen winst van het boekjaar, zou de mobilisatie bij een kmo dus mogelijk ook gebruikt kunnen worden voor de aanleg van een liquidatiereserve. Een eerder aangelegde investeringsreserve kan dus in principe een dubbel fiscaal gunstregime genieten.

Welke reserves?

Algemeen

Of de belastingvrije reserves die uw vennootschap op haar balans heeft staan in aanmerking komen voor de toepassing van deze gunstmaatregel, wordt beïnvloed door de herkomst van deze reserves. Belastingvrije reserves die aangelegd werden in een belastbaar tijdperk dat aanving op 1 januari 2017 of later, kunnen daarnaast – gelet op het strikte toepassingsgebied – niet de fiscaal gunstige omzetting tegen het tarief van 15% of 10% genieten.

Verwezenlijkte meerwaarden

Verwezenlijkte meerwaarden (art. 190 WIB 92) , andere dan vrijgestelde meerwaarden op bedrijfsvoertuigen of zeeschepen en meerwaarden die aangelegd zijn in het kader van een ander gunstregime, zoals meerwaarden die gespreid in de tijd getaxeerd worden (art. 47 WIB 92) , komen in principe in aanmerking. De opneming mag wel niet meer bedragen dan het totale bedrag van de meerwaarden, zoals ze bestonden op het einde van het laatste belastbare tijdperk dat afgesloten werd vóór 01.01.2017.

Bij wijze van voorbeeld vermeldt de circulaire volgende kwalificerende meerwaarden: het monetaire gedeelte van de vrijwillig verwezenlijkte meerwaarden (art. 44, §1, 2° WIB 92) , de ‘oude’ gedwongen meerwaarden bedoeld in het (heel) oude art. 35 of 36 WIB 64, meerwaarden uit de inbreng van een bedrijfstak of van een algemeenheid van goederen (art. 46, §1, lid 1, 2° WIB 92) .

120% aftrekbare kosten

Hiermee worden vooral de vrijgestelde reserves bedoeld, aangelegd ten gevolge van de 120% aftrekbaarheid van bepaalde kosten zoals beveiliging, fietsen, gemeenschappelijk openbaar vervoer van personeelsleden en elektrische wagens (art. 190bis WIB 92) .

Overige reserves

Daarnaast komen ook de belastbare opnemingen op de investeringsreserve, aangelegd gedurende aj. 1982, en opnemingen uit de investeringsreserve, aangelegd gedurende een belastbaar tijdperk dat vóór 01.01.2017 afgesloten werd, waarvoor de minimale bezitsduur van de (correcte) herinvestering verstreken is, in aanmerking. Het gunsttarief geldt eveneens voor de opneming van eerder vrijgestelde winsten van inschakelingsbedrijven.

Uitgesloten reserves

Volgende meerwaarden worden volgens de circulaire uitgesloten van het gunstregime: de meerwaarden op bedrijfsvoertuigen (art. 44bis WIB 92) ; de meerwaarden op binnenschepen (art. 44ter WIB 92) en op zeeschepen (art. 122, §2, PW 02.08.2002) ; de gespreid te belasten meerwaarden (art. 47 WIB 92) ; de uitgedrukte maar niet-verwezenlijkte meerwaarden of de als zodanig aangemerkte meerwaarden; de taxshelterinvesteringen in de audiovisuele of podiumsector; waardeverminderingen op handelsvorderingen of voorzieningen voor risico’s en kosten; vrijstelling van winst in het kader van de Wet op de continuïteit van de onderneming; kapitaalsubsidies; voorzieningen voor sociaal passief aangelegd t.e.m. aj. 1990, ...

Alexander Verleysen

Belastingconsulent dnf belgium, docent Fisc. Hogeschool

  • Bepaalde belastingvrije reserves die uiterlijk aangelegd werden in een belastbaar tijdperk dat vóór 1 januari 2017 aanving, kunt u in aanslagjaar 2021 en 2022 tegen een tarief van 15% overdragen naar de belaste reserves. Als u het overgedragen bedrag herinvesteert in kwalificerende activa, daalt dat tarief zelfs naar 10%.
  • U moet die reserves niet uitkeren; een overboeking naar de belaste reserves volstaat om ze te mobiliseren tegen het gunsttarief van 15% of 10%.
  • Houd er wel rekening mee dat die afzonderlijke heffing een minimaal belastbare basis uitmaakt en dus niet verminderd kan worden met overgedragen verliezen, de DBI-aftrek, ...

Contactgegevens

Indicator - Larcier | Tiensesteenweg 306 | 3000 Leuven

Tel.: 0800 39 067 | Fax: 0800 39 068

Customer.Services@indicator-larcier.be | www.indicator-larcier.be

 

Maatschappelijke zetel

Lefebvre Sarrut Belgium NV | Hoogstraat 139 - Bus 6 | 1000 Brussel

RPM Bruxelles | TVA BE 0436.181.878